Jump menu

Main content |  back to top

Uw oliepeil controleren

Eerst kiest u de juiste olie voor uw auto door de aanbeveling van de autofabrikant te raadplegen. Als alternatief kunt u ons snelle en eenvoudig hulpprogramma Shell LubeMatch gebruiken.

Zorg ervoor dat uw auto op een vlakke ondergrond staat geparkeerd

Zorg ervoor dat uw auto op een vlakke ondergrond staat geparkeerd, met aangetrokken handrem en uitgeschakelde motor. Open de motorkap (de hendel bevindt zich gewoonlijk onder het dashboard) en ondersteun deze met diens stang. Voorkom contact met de hete motor. Laat de olie een minuut tot rust komen.

Draag beschermende handschoenen

Trek beschermende handschoenen aan en trek de oliepeilstok eruit (de peilstok steekt uit het motorblok en is ter  herkennen aan het ringvormige uiteinde). Veeg deze schoon met een papieren doek en plaats hem een aantal seconden terug. Neem de peilstok opnieuw eruit om het oliepeil te controleren.

Oliepeil controleren

Het oliepeil moet ergens tussen het minimum- en het maximum-merkteken op de peilstok liggen en moet wellicht worden bijgevuld. Raadpleeg het schema voor een indicatie van de hoeveelheid olie die moet worden bijgevuld. De hoeveelheden zijn bij benadering en alleen bedoeld als leidraad.

Bijvullen met Shell Helix-olie

Verwijder de olievuldop om de motor bij te vullen met de juiste hoeveelheid Shell Helix-olie, bij voorkeur met een trechter. De schaalverdeling op de fles geeft aan hoeveel er gebruikt is. Herhaal de stappen 2 en 3 om het nieuwe peil te controleren.

Vuldop en peilstok terugplaatsen

Plaats de peilstok en de olievuldop stevig terug. Verwijder eventuele vette vingerafdrukken van de motorkap en veeg eventuele olie van uw handen af met een vochtige doek. Verwijder eventueel afval naar de daarvoor bestemde plaats.

Wanneer u constateert dat uw oliepeil onder het minimummerkteken staat, onderzoekt u hoeveel kilometer u gereden hebt sinds de laatste olieverversing. Wanneer u twijfelt, raadpleegt u uw instructieboekje voor de aanbevolen olieverversingsintervallen of wanneer het aantal afgelegde kilometers meer dan 15.000 km is, is het raadzaam een complete olieverversing uit te voeren. Wanneer u tussen 4000 en 15.000 km hebt afgelegd, hoeft u alleen maar olie bij te vullen.   Hier kunt u lezen hoe u de olie kunt verversen.

Wanneer u minder dan 4.000 km hebt gereden en het oliepeil staat laag, kan er een technisch probleem zijn. Vul bij en controleer het oliepeil op wekelijkse basis of neem contact op met uw werkplaats voor meer advies.

Bevat de olie witte spetters, dan mengt de motorkoelvloeistof zich met de motorolie als gevolg van een intern motorprobleem. Laat uw auto controleren.

Voor advies over de frequentie van het verversen van uw olie dient u uw instructieboekje te raadplegen voor de aanbevolen olieverversingsinterval.

Om de juiste olie voor uw auto te vinden, kunt u ons snel en eenvoudig hulpprogramma Shell LubeMatch toolgebruiken.  

Het zuurpeil van uw accu controleren (geldt alleen voor onverzegelde accu's)

Zoek de accu en bekijk de uiterlijke toestand. De accu moet schoon zijn, met name rond de accu-aansluitklemmen. Heeft uw auto een verzegelde accu, dan is deze controle overbodig. Wanneer u uw accu moet bijvullen, wees dan voorzichtig - de accu bevat zwavelzuur, mors dus geen vloeistof op uzelf of op de carrosserie van de auto.  

Controleer eerst of u een verzegelde accu hebt, die permanent is verzegeld. Veel van deze accu's zijn voorzien van een ingebouwde hydrometer die de actuele toestand van de accucellen aangeeft. Wanneer u dit type accu hebt, hoeft u de accu niet bij te vullen.  

Verwijder vervolgens de positieve en negatieve aansluitkabels van de accu. Ontdoe de aansluitklemmen en accupolen van eventuele zuur- of corrosieafzettingen en sluit vervolgens de kabels weer aan.  Wip met behulp van een schroevendraaier de verwijderbare doppen bovenop de accu los en leg ze aan de kant.  

Bekijk nu het vloeistofpeil in elke cel. De vloeistof moet even hoog staan als de vulpijpring, ongeveer 2,5 cm onder de bovenkant van de accu. Wanneer het peil te laag is, gebruikt u een trechter om elke cel bij te vullen met gedestilleerd water. Het moet gedestilleerd water zijn, omdat anders verontreinigingen uw accu kunnen beschadigen.  

Nadat elke cel is bijgevuld tot aan de vulpijpring, plaatst u de doppen terug, waarbij u controleert of ze goed bevestigd zijn. Controleer een week later om te kijken of het peil in de cellen niet gezakt is. Wanneer dat het geval is, kan er een probleem zijn, zoals bijvoorbeeld een barst in de accubehuizing. Laat uw accu door een monteur controleren om eventuele problemen te voorkomen.

Samenvattend:

  1. Controleer of u een verzegelde accu hebt. Is dat het geval, dan kunt u stoppen.
  2. Verwijder de positieve en negatieve aansluitkabels, maak de aansluitklemmen schoon en sluit vervolgens de kabels weer aan.
  3. Gebruik een schroevendraaier om de doppen te verwijderen.
  4. Controleer het peil en vul zo nodig bij met gedestilleerd water.
  5. Druk de doppen weer stevig vast.

Met dank aan ehow: http://www.ehow.com/how_7802577_measure-fluid-level-car-battery.html

Andere vloeistofniveaus

Raadpleeg het instructieboekje van de auto over de manier waarop u het peil van de remvloeistof en de motorkoelvloeistof controleert en bijvult. Regelmatige controle van deze vloeistoffen verandert niet het uiterlijk van uw auto, maar is een 'verkwikkende' ervaring voor uw auto.